22.AUG,2008      9:44            DE  BRAUW AMSTERDAM                                                                         N0.S57 ■       P.1/6

IN NAAM DER KONINGIN GROSSE

arrest

GERECHTSHOF AMSTERDAM

Sector civiel recht

Nevenzittings       plaats Arnhem

zaaknummer 200,002.924

arrest van de eerste civiele kamer vaa 19 augustus 2008

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

lnno Nautic B.V.,

gevestigd te Eenmes,

appellante in het principaal hoger beroep,

geïntimeerde in bet incidenteel hoger beroep,

procureur: mr. B.J.H. Crans,

tegen:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Cuckoo Company B.V.,

gevestigd te Delft,

geïntimeerde in het principaal hoger beroep,

appellante in het incidenteel hoger beroep,

procureur; mr. A.S. Rueb.

1.       Het geding in eerste aanleg

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van het vonnis van 6 februari 2008 (verbeterd bij vonnis vaa 15 februari 2008) dat de voorzieningenrechter in de rechtbank Utrecht tussen principaal appellante (hierna ook te noemen; Inno Nautic) als gedaagde in conventie, eiseres in. reconventie, en principaal geïntimeerde (hierna ook te noemen: Cuckoo) als eiseres in conventie, verweerster in reconventie, in kort geding heeft gewezen; van die vonnissen is een fotokopie aan dit arrest gehecht

2.      Het geding in hoger beroep

2.1    Inno Nautic heeft bij exploot van 27 februari 2008 aangezegd van het vonnis van 6 februari 2008 in hoger beroep te komen, met dagvaarding van Cuckoo voor dit hof  Daarbij heeft Inno Nautic twee grieven tegen het bestreden vonnis aangevoerd en toegelicht, en aangekondigd te zullen concluderen dat het bestreden vonnis, voor zover in conventie gewezen, door het hof zal worden vernietigd en dat het hof opnieuw recht doende, bij arrest voor zover  rechtens mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

a.   Cuckoo alsnog niet-ontvankelijk zal verklaren in haar vorderingen, althans haar deze
vorderingen zal ontzeggen;

b.   Cuckoo zal veroordelen in de kosten van het geding in beide instanties, te vermeerderen

22/08  2008   VRI   09:44     [TX/RX   Nfi   9947]


22.AUG.2008      9: 44                     DE BRAUW  AMSTERDAM                                                                     NO.657        P.2/6

 zaaknummer .002.924                                                                                      blad 2

met de wettelijke rente als bedoeld ia artikel 6:119 BW vanaf veertien dagen na de datum van het arrest

2.2          Inno Nautic heeft op de dienende dag mondeling geconcludeerd conform de inhoud
van voornoemd exploot

2.3          Vervolgens heeft Inno Nautic een akte houdende overlegging productie genomen.

2.4          Bij memorie van antwoord heeft Cuckoo de grieven bestreden en heeft zij een aantal
producties in het geding gebracht. Zij heeft in het principaal appel geconcludeerd tot
bekrachtiging, al dan niet met verbetering van gronden, van het bestreden vonnis in
conventie, met veroordeling van Inno Nautic in de kosten van het geding in principaal appel

2.5          Bij dezelfde memorie heeft Cuckoo incidenteel hoger beroep ingesteld tegen
voornoemd vonnis in reconventie en heeft zij daartegen een grief aangevoerd en toegelicht,
alsmede een productie in het geding gebracht Cuckoo heeft gevorderd dat het hof bet vonnis
in reconventie zal vernietigen met veroordeling van Inno Nautic in de kosten van beide
instanties.

2.6         Bij memorie van antwoord in het incidenteel appel heeft Inno Nautic verweer gevoerd
en geconcludeerd dat het hof het vonnis voor zover in reconventie gewezen zal bekrachtigen,
kosten rechtens.

2.7          Ter zitting van 21 juli 2008 hebben partijen de zaak doen bepleiten, Inno Nautie door
mr. CJJ.C. van Nispen, advocaat te 's-Gravenhage, en Cuckoo door mr, CL. Capel,
advocaat te Rotterdam. Beiden hebben daarbij pleitnotities in het geding gebracht

Mr. Capel heeft voorafgaand aan de zitting aan mr. Van Nispen en het hof een aantal

producties toegezonden.

Aan mr. Capel is ter zitting akte verleend van het in het geding brengen van die producties.

2.8          Vervolgens hebben partijen de stukken voor het wijzen van arrest aan het hof
overgelegd.

2.9          Ten slotte heeft het hof arrest bepaald,
3.     De vaststaande feiten

 

3.1                     De voorzieningenrecher heeft in het bestreden vonnis onder 2.1 tot en met 2.13 feiten
vastgesteld. Aangezien tegen de feiten onder 2.1 tot en met 2.4 en 2.6 tot en met 2.13 geen
grieven zijn aangevoerd of bezwaren zijn geuit, zal het hof in hoger beroep ook van die
feiten uitgaan.

3.2         Anders dan tijdens het pleidooi door Inno Nautic (pleitotities Inno Nautic sub 5) is
aangevoerd, richten haar beide grieven zich niet (mede) tegen de vaststelling van het feit
vermeld onder 2.5 van het bestreden vonnis. Voor zover Inno Nautic heeft beoogd bij die
gelegenheid alsnog een grief hiertegen aan te voeren, gaat het hof daaraan voorbij, aangezien
Cuckoo daarmee niet ondubbelzinnig heeft ingestemd. Het hof gaat daarom ook uit van
laatstgenoemd feit

22/08 2008 VRI 09:44  [TX/RX NA 9947]


22.AUG.2008      9:45                    DE BRAUW AMSTERDAM                                                                          NO.65?         P.3/6

zaaknummer 200.002.924                                                                                      blad 3

4       De motivering van de beslissing In hoger beroep in het principaal en het incidenteel appel

4.1     In het bestreden vonnis heeft de voorzieningenrechter in conventie de vordering van Cuckoo tot opheffing van de conservatoire (derden)beslagen die Inno Nautic ten laste van Cuckoo heeft doen leggen, toegewezen, op grond van het oordeel dat summierlijk van de ondeugdelijkheid van het tegen Cuckoo gerichte vorderingsrecht van lnno Nautic is gebleken, zodat deze beslagen voorshands onrechtmatig werden geacht In reconventie is de vordering van Inno Nautic tot - kort gezegd - een verbod aan Cuckoo om relaties van Inno Nautic te benaderen met mededelingen over het voornemen haar faillissement aan te vragen en met de vraag naar steunvorderingen, toegewezen.

4 2    De grieven van Inno Nautic tegen het oordeel van de voorzieningenrechter in conventie lenen zich voor gezamenlijke behandeling.

Deze grieven komen er op neer dat Inno Nautic zich met betrekking tot de vordering die zij stelt te hebben op Cuckoo op het standpunt stelt, dat Cuckoo de (nadere) afspraken die partijen op 1 maart 2007 hebben gemaakt ten onrechte niet is nagekomen, doordat Cuckoo de op 2 maart 2007(zie in dat verband de e-mail van (X), directeur van Cuckoo, van 2 maart 2007 aan B. Ledeboer van de Vereenigde, productie 5 Akte Inno Nautic van 5 december 2007 in de bodemprocedure bij de rechtbank Den Haag) in gang gezette overdracht van de octrooiaanvrage van Cuckoo op naam van de directeur van Inno Nautic, Vercoelen, later alsnog ten onrechte heeft tegengehouden. Deze afspraken betroffen aan de zijde van Inno Nautic de betaling van enige facturen van Cuckoo, die onder meer de kosten van de zogenoemde tweede fase en van de octrooiaanvrage betroffen, aan Cuckoo. De afspraken zijn bevestigd in het door Vercoelen van Inno Nautic ondertekende (in het bestreden vonnis onder 2.6 weergegeven) faxbericht van 15 maart 2007 van Cuckoo aan Inno Nautic, waarin is vermeld dat bedoelde overdracht had plaatsgevonden ("Vanuit onze kant hebben wij (.,.) het patent overgedragen").

Inno Nautic voert aan dat zij zelf deze afspraken (voorzover de betaling van facturen niet afhankelijk was gesteld van twee betalingen van elk € 37.500,- door Vetus aan Inno Nautic voor door Cuckoo in maart 2007 nog te verrichten werkzaamheden, namelijk het verwerven van certificering en het leveren van het technisch dossier) wel correct is nagekomen, door de betaling op 1 maart 2007 van de facturen voor de tweede fase en de octrooiaanvrage. Cuckoo was volgens haar dus niet gerechtigd de overeenkomst tot productontwikkeling tussen partijen bij brief van 7 juni 2007 te ontbinden en had evenmin het recht de octrooiaanvrage op haar eigen naam te stellen. Als gevolg daarvan is grote schade ontstaan voor Inno Nautic. Haar vordering in de bodemprocedure behelst onder meer veroordeling van Cuckoo tot vergoeding van deze schade, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet

4.3    Het standpunt van Cuckoo houdt in dat Inno Nautic steeds met betaling van aan haar

voor de werkzaamheden van Cuckoo gezonden facturen in gebreke bleef en dat volgens de in

de faxbrief van 15 maart 2007 neergelegde (nadere) afspraken, de betaling door Inno Nautic

van de in deze brief genoemde, deels achterstallige, bedragen (in totaal

€ 37.229,15) aan Cuckoo zou plaatsvinden zodra aan de drie in die brief genoemde

voorwaarden was voldaan. Zij stelt dat aan de eerste twee voorwaarden (de certificering en

de levering van het technisch dossier) eind maart 2007 was voldaan.

Volgens Cuckoo beeft Inno Nautic haar misleid met betrekking tot de derde voorwaarde, te

weten de koppeling (uit coulance) van het door Inno Nautic restant verschuldigde aan de te

verwachten betaling door Vetus van tweemaal € 37.500,- aan lnno Nautic. Toen Cuckoo in

22/08 2008 VRI 09:44  [TX/RX NB 9947]


2H.AUG.2008  9:45     DE BRAUW AMSTERDAM                         Nö.657   P.4/6

zaaknummer 200.002.924                                                                                      blad 4

april 2007 vernam dat Vetus reeds in januari/februari 2007 voor ruim € 71.000,- betalingen had verricht aan Inno Nautic achtte zij zich met betrekking tot dit punt door Inno Nautic voorgelogen en heeft zij de koppeling van de betaling door Inno Nautic aan betalingen door Vetus beëindigd. Op 20 april 2007 heeft Cuckoo aan Inno Nautic bericht dat zij aan alle voorwaarden had voldaan en dat verdere opschorting van de betaling van € 37.229,15 onacceptabel was. Vervolgens heeft Cuckoo, na.een laatste sommatie van Inno Nautic bij brief van 16 mei 2007, op 7 juni 2007 de overeenkomst tot productontwikkeling van 12 februari 2006 en de nadere overeenkomsten met Inno Nautic ontbonden, Volgens Cuckoo is nooit afgesproken dat de octrooiaanvrage op naam van Inno Nautic of Vercoelen zou komen en was dit mogelijk slechts geschied als Inno Nautic aan haar betalingsverplichtingen had voldaan. Zij voert aan dat zij zich terecht op opschortingsrechten en op ontbinding heeft beroepen en dat zij ook op die grond geen verplichting meer heeft om de nieuwe octrooiaanvrage op naam van Inno Nautic te stellen. Inno Nautic heeft daarom geen vordering op haar en evenmin heeft Inno Nautic schade geleden.

4.4     Volgens Inno Nautic (dagvaarding in de bodemzaak van 23 november 2007 sub 16/17)
heeft Vetus zich tegenover haar verplicht tot, onder meer, betaling van (a) een bedrag van

€ 60.000,- exclusief BTW a, fonds perdu als bijdrage aan de door Inno Nautic in het verleden gemaakte ontwikkelingskosten en (b) betaling van een forfaitair bedrag van € 150.000,- exclusief BTW als voorschot op royalty's. Vervolgens is, aldus Inno Nautic, de onder (a) genoemde verplichting nagekomen bij het tekenen van de overeenkomst en zijn partijen wat de onder (b) genoemde verplichting betreft nader overeengekomen dat een bedrag van € 37.500,- zou worden betaald zodra de CE-goedkeuring zou zijn verkregen en zou nog eens een bedrag van € 37.500,- worden betaald zodra het volledig technisch dossier aan Vetus zou zijn overgedragen. Anders gezegd (althans zo begrijpt bet hof het standpunt van Inno Nautic): de door Cuckoo genoemde betalingen door Vetus van ruim € 71 .000,-

hadden volgens Inno Nautic betrekking op de onder (a) genoemde betalingsverplichting ea niet op de onder (b) genoemde verplichting.

4.5     Het hof is van oordeel dat bij de hier aan de orde zijnde toetsing van de vraag of
summierlijk van de ondeugdelijkheid van de vordering van Inno Nautic is gebleken, met
name van belang is hoe de afspraken tussen partijen die zijn neergelegd in de faxbrief van 15
maart 2007 moeten worden uitgelegd. Meer in het bijzonder rijst in het licht van de door
partijen in dit kort geding bepleite opvattingen de vraag of met de betaling van de eerder
genoemde ruim € 71.000 in januari/februari 2007 door Vetus aan Inno Nautic voldaan is aan
de opschortende voorwaarden van betaling van tweemaal € 37,500,- die lnno Nautic nog van
Vetus zou ontvangen (zoals Cuckoo betoogt), dan wel dat die betaling betrekking heeft op de
hiervoor onder 4.4 (a) bedoelde verplichting van Vetus tot betaling van een bijdrage van

€ 60.000,- a fonds perdu (zoals Inno Nautic stelt).

4.6     Uit hetgeen partijen over en weer hebben aangevoerd met betrekking tot dit punt en de
overgelegde stukken valt daarover binnen bet beperkte kader van dit kort geding geen
eenduidige conclusie te trekken, terwijl het antwoord op die vraag van beslissende betekenis
is voor de vraag of Inno Nautic jegens Cuckoo toerekenbaar tekort is geschoten in de op haar
rustende verplichting tot betaling van € 37.229,15 en of Cuckoo op grond daarvan gerechtigd
was haar contractuele verplichting tot overdracht van het octrooi op te schorten en op 7 juni
2007 de productontwikkelingsovereenkomst en de daaruit voortvloeiende overeenkomsten
met Inno Nautic te ontbinden. Daarvoor is naar het oordeel van het hof nadere bewijslevering
nodig, waarvoor in dit kort geding geen plaats is.

22/08 2008 VRI 09:44  [TK/RX Nfl 9947]


22.AUG.2008      9:45               DE  BRAUW AMSTERDAM                                                                     NO.657        P.5/6

zaaknummer 200.002.924

4.7     Het bovenstaande brengt reeds mee dat - anders dan de voorzieningenrechter in eerste
aanleg beeft geoordeeld - voorshands niet (summierlijk) van de ondeugdelijkheid van de
vordering van Inno Nautic en van de onrechtmatigheid van de gelegde beslagen kan worden
uitgegaan.

De stelling van Cuckoo dat Inno Nautic geen enkel (urgent) belang heeft bij die beslagen, wordt verworpen. Inno Nautie heeft dit belang, dat er in is gelegen dat verhaal voor schade mogelijk zal zijn als de vordering in de hoofdzaak zou worden toegewezen, in dit kort geding voldoende aannemelijk gemaakt  Er zijn geen zodanig bijzondere omstandigheden gesteld of gebleken aan de zijde van Cuckoo dat aangenomen moet worden dat dit belang van Inno Nautic niet opweegt tegen de gevolgen van de beslagen voor Cuckoo. De grieven in het principaal appel slagen derhalve. Het vonnis in conventie zal in zoverre worden vernietigd.

4.8          De grief in. het incidenteel appel van Cuckoo is gericht tegen het oordeel van de
voorzieningenrechter in reconventie dat Cuckoo in beginsel onrechtmatig heeft gehandeld
jegens Inno Nautic door de hierboven onder 4,1 bedoelde mededelingen. Dit oordeel was
gebaseerd op de overweging dat niet gebleken is van enig vorderingsrecht van Cuckoo op
Inno Nautic na de ontbinding van de overeenkomsten op 7 juni 2007 en de afwijzing
(voorshands) van de vordering tot overdracht van de octrooiaanvrage bij vonnis in kort
geding van de voorzieningenrechter in de rechtbank te 's-Gravenhage van 23 juli 2007. Aan
de vier relaties die Cuckoo nadien had benaderd met de gewraakte mededelingen had zij
weliswaar een rectificatiebrief gezonden, doch dit had zij niet gedaan met betrekking tot de
door haar op 6 juli 2007 per e-mail benaderde relatie Smev.

4.9          Zoals hierboven onder 4.6 is overwogen, moet worden aangenomen dat pas door
bewijslevering in de bodemprocedure duidelijk kan worden of Cuckoo terecht haar
verplichtingen heeft opgeschort en de overeenkomsten heeft ontbonden.

Cuckoo heeft in dit verband in de bodemzaak in reconventie tegen Inno Nautic een vordering tot betaling van schadevergoeding wegens onrechtmatigheid van het beslag en overig onrechtmatig handelen ingesteld, alsmede een voorwaardelijke vordering tot betaling van € 37.229,15 en een vordering van € 100.000,- wegens gederfde winst Voorshands kan er dus niet van worden uitgegaan dat Cuckoo geen enkel vorderingsrecht jegens Inno Nautic toekomt. Bovendien is niet (voldoende gemotiveerd) bestreden dat Cuckoo meende dat zij geen rectificatiebrief behoefde te zenden aan de relatie Smev, omdat zij deze per e-mail reeds op 6 juli 2007 had benaderd en nadien niet meer, en die benadering in het voornoemde vonnis in kort geding vaa 23 juli 2007 niet als onrechtmatig was aangemerkt

Gelet op deze omstandigheden is het hof van oordeel dat geen grond bestaat voor het in reconventie opgelegde verbod. De grief van Cuckoo treft doel en het vonnis in reconventie zal worden vernietigd. De grief is mede gericht tegen de veroordeling van Cuckoo in de kosten van de procedure in eerste aanleg in reconventie. Nu Inno Nautic alsnog in het ongelijk is gesteld in haar vordering in eerste aanleg in reconventie, zal zij worden veroordeeld in de kosten van de procedure in eerste aanleg in reconventie die aan de zijde van Cuckoo zijn gevallen.

5      Slotsom

5,1    Het vonnis in conventie zal deels worden vernietigd en de vordering van Cuckoo tot

22/08 2008 VRI 09:44  [TX/RX NR 9947]


 

22.AUG.2008      9:45                       DE  BRAUW AMSTERDAM                                                                     NQ.657        P.6/6

zaaknummer 200.002.924                                                                                       blad 6

opheffing van de op 4 en 5 december 2007 ten laste van Cuckoo onder Altrex B.V. en Vetus den Ouden N,V. gelegde beslagen zal alsnog worden afgewezen. Voor het overige zal het vonnis in conventie worden bekrachtigd. Het vonnis in reconventie zal in zijn geheel worden vernietigd en de vorderingen van Inno Nautic zullen alsnog worden afgewezen, met haar veroordeling in de kosten die aan de zijde van Cuckoo in reconventie zijn gevallen.

5.2    Nu beide partijen in hoger beroep voor een deel in het gelijk en voor een deel in het ongelijk worden gesteld, zullen de kosten van het hoger beroep tussen partijen worden gecompenseerd zoals hierna vermeld.

6.      De beslissing in het principaal appel en in het incidenteel appel

Het hof, recht doende in hoger beroep in kort geding:

vernietigt het bestreden vonnis in conventie, voor zover daarbij onder 5,1 van het dictum de conservatoire beslagen die Inno Nautic heeft doen leggen onder Altrex B.V. te Zwolle en Vetus den Ouden N.V. te Schiedam, zijn opgeheven en doet in zoverre opnieuw recht;

wijst af de -vordering van Cuckoo tot opheffing van de conservatoire beslagen die Inno Nautic heeft doen leggen onder de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Altrex B,V, gevestigd te Zwolle, en de naamloze vennootschap Vetus den Ouden N.V,, gevestigd te Schiedam;

bekrachtigt het bestreden vonnis in conventie voor het overige; vernietigt het bestreden vonnis in reconventie, en doet opnieuw recht: wijst de vorderingen van Inno Noutic af;

veroordeelt Inno Nautic in de kosten van de procedure in reconventie die in eerste aanleg aan de zijde van Cuckoo zijn gevallen, tot op heden begroot op nihil voor verschotten en op € 408,- voor salaris procureur;

compenseert de kosten van het hoger beroep in het principaal en in het incidenteel appel aldus dat iedere partij haar eigen kosten draagt;

verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad.


Dit arrest is gewezen door mm. A.M.C. Groen, R-A, van der Pol en AJP.M. Houtman, en te in tegenwoordigheid van de griffier uitgesproken ter openbare terechtzitting van i 9 augustus 2008.    *

eerste grosse

procureur voor De Griffier van het Gerechtshof te Amsterdam, nevenzittingsplaats ARNHEM

22/08 2008 VRI 09:44  [TX/RX NR 9947]

 

 Uitspraak Inno Nautic versus Cuckoo Company, Vetus den Ouden